Hoera! Er gloort wat licht in de duisternis die afgelopen maart over de muziekbranche viel. Na de hoopvolle resultaten van een Duits onderzoek naar het besmettingsgevaar tijdens evenementen, mogen vanaf half januari ook in Nederland tests gedaan worden met coronaproof concerten. Maar alleen in regio’s met risiconiveau 1 (‘waakzaam’), wat nu nog nergens het geval is. Op dit lichtpuntje na, kwam de muzieksector er tot nu toe relatief bekaaid vanaf binnen het eerste steunpakket. Het weinige geld dat te verdelen was, ging bovendien vooral naar gebouwen, in plaats van naar de creatieven die ervoor zorgen dat er publiek naar die gebouwen komt. En dat terwijl uit recent onderzoek blijkt dat de muziekbranche een belangrijke steunpilaar is voor de Europese economie.

Dat onderzoek werd uitgevoerd door Oxford Economics (onderdeel van Oxford University) in opdracht van IFPI, de internationale belangenbehartiger van de muziekindustrie. De onderzoekers baseerden zich daarbij op cijfers uit 2018, afkomstig van een groot aantal muziekorganisaties in Europa (waaronder de Nederlandse NVPI), jaarverslagen en data van overheden. Je kunt het rapport hier helemaal lezen (pdf).

Miljardenindustrie
Uit het onderzoek komt naar voren dat de muzieksector(*) in 2018…

  • 2 miljoen mensen van een baan voorzag in de 27 EU-lidstaten plus het Verenigd Koninkrijk (de EU28)
  • €81,9 miljard in Bruto Toegevoegde Waarde bijdroeg aan het Bruto Binnenlands Product van deze 28 landen
  • Voor €9,7 miljard aan goederen en diensten exporteerde naar landen buiten de EU28

Frances Moore, ceo van IFPI, concludeert hieruit dat muziek een essentieel onderdeel is van de Europese cultuur. Om deze grote bijdrage van de muziekindustrie aan de EU duurzaam te houden is het volgens haar van groot belang dat muziekmakers en investeerders in de industrie eerlijk worden beloond. Dat kan bereikt worden door wet- en regelgeving die daar bij past.

Het ergste moet nog komen
Maar dat niet alleen. Er moet in de bijzondere situatie die dit jaar is opgetreden in eerste instantie voor gezorgd worden dat er überhaupt een muzieksector blijft bestaan. Dan zijn de aangekondigde tests mooi, en is het hoopvol dat met een beetje geluk in het eerste kwartaal van 2021 met vaccineren begonnen kan worden, maar zelfs als die tests positief aflopen, zal daarna slechts in fasen worden opgeschaald. En je hebt ook niet zo maar 10 miljoen bereidwillige Nederlanders ingeënt (laat staan alle 17 miljoen). Ik ben dus bang dat ook het festivalseizoen van 2021 op losse schroeven staat, met alle gevolgen van dien voor banen, omzetten en exporten. En uiteraard voor de artiesten, die niet kunnen optreden. Ook auteurs en componisten moeten de echte klap nog krijgen. De reclame-inkomsten van radio- en TV-zenders (die de basis vormen van de verdeelsleutel voor doorbetaling) zijn teruggelopen, en horeca en andere bedrijven hebben gedurende hun sluiting geen achtergrondmuziek gedraaid. Daarvan zullen liedjesschrijvers pas bij toekomstige afrekeningen de gevolgen ondervinden. Dat is een uitgestelde catastrofe.

Kortom: er mag (en moet) nog wel een tandje bij wat de overheidssteun voor de muzieksector betreft!

Zie de belangrijkste onderzoeksresultaten in onderstaande infographic (klik erop voor een vergroting).

(*) Ten behoeve van dit rapport werden de volgende marktsegmenten tot de muzieksector gerekend: muziekmaatschappijen en -uitgevers, opnamestudio’s, auteurs en componisten, uitvoerende muzikanten, artiestenmanagers, collectiefbeheersorganisaties, muziekradio- en -televisiezenders, digitale muziekdiensten, fysieke muziekretailers, evenementenorganisaties, concertzalen en festivals, producenten en verkopers van muziekinstrumenten en -apparatuur, producenten en verkopers van merchandise, en muziekonderwijs.